Het woonplaatsbeginsel bepaalt welke gemeente verantwoordelijk is voor het inzetten van jeugdhulp of voor het uitvoeren van een maatregel jeugdbescherming of jeugdreclassering. Het huidige woonplaatsbeginsel laat veel ruimte voor interpretatie. Door dit gebrek aan eenduidigheid leidt dit in de praktijk tot geschillen tussen zorgaanbieders en gemeenten, één van de oorzaken van de hoge administratieve lasten die ervaren worden door de zorgaanbieders en gemeenten.

Het woonplaatsbeginsel heeft de politieke belangstelling. In de motie Voortman wordt de regering vanwege de hiervoor genoemde problemen verzocht de bestaande onduidelijkheden omtrent het woonplaatsbeginsel bij de toekenning van jeugdhulp weg te nemen. Om de huidige problemen te verhelpen, is op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een impactanalyse uitgevoerd naar mogelijke oplossingsrichtingen om het woonplaatsbeginsel te vereenvoudigen.

De opdracht om als kwartiermaker de zeilen te zetten richting een vereenvoudigd woonplaatsbeginsel, heeft jb Lorenz inmiddels afgerond.